|











| |
DVD / CD recensies
Verdi - Falstaff
Opera Zuid brengt vanaf 17 mei 2009 de opera
‘Falstaff’
van Verdi. Hierbij een
aantal DVD en CD tips.
Geen
andere dirigent wordt zo geassocieerd met ‘Falstaff’ als Arturo Toscanini.
Hij dirigeerde het werk voor het eerst anderhalf jaar na de wereldpremière van
1893 en dirigeerde het meer dan enige andere opera. De selectie van de
overgeleverde repetities van de concertuitzending van 1 april 1950 laten horen
hoe efficiënt Toscanini werkte. Geen anekdoten of verhandelingen over bedoelingen
van Verdi, maar slechts basale muzikale invullingen van de partituur. Veel nadruk legt hij op de verstaanbaarheid van de
woorden en nadrukkelijke stembuigingen en zoals altijd zingt hij alle rollen
expressief mee met zijn hese, krakende stem. De nadruk in deze repetitieopname
ligt op de eerste scène van de tweede akte. Zij demonstreren ook Toscanini’s
bekende temperament en uitbarstingen, die de zangers in tranen lieten uitbarsten
en de orkestleden beledigden. Een voorbeeld is zijn discussie met Giuseppe
Valdengo over de uitspraak van “John”. Toscanini wil de Britse klinker in
plaats van de Amerikaanse. Deze discussie resulteert uiteindelijk in een
uitbarsting van Toscanini over een fermata van Valdengo inclusief
beledigingen en Toscanini’s hoorbare inspanningen om zijn destructieve
uitbarsting in te houden. In muzikaal opzicht een must voor elke liefhebber én musicus! (Music
& Arts: CD-4248)
Arturo
Toscanini stond bekend om zijn
nervositeit en gedwongenheid tijdens uitvoeringen. Opvallend
is de grotere vrijheid en expressiviteit van de repetities in vergelijking met de
concerten van april 1950. Bij de repetities is er een
groter contrast in dynamiek, in het zingen en spreken en een grotere nadruk op
de komedie en gewicht en betekenis op elke frase en woord dan bij de
uitvoeringen. De CD uitgave van 1990 van Toscanini’s legendarische ‘Falstaff’
concertuitzending van 1 en 8 april 1950 is op het label RCA niet meer los
verkrijgbaar, maar is nog wel leverbaar in een box met 12 CD’s met Toscanini’s
complete Verdi-opnamen inclusief vijf complete Verdi opera’s, het Requiem, het
Te Deum, Hymn of the Nations en hoogtepunten uit Verdi opera’s. De NBC
concertuitzendingen van 1 en 8 april 1950 waren de laatste ‘Falstaff’
uitvoeringen van Toscanini. Giuseppe Valdengo is meer een heldenbariton
dan een buffo, maar geeft akoestisch een indrukwekkende interpretatie.
Cloe Elmo was vanaf 1942 de vaste Mistress Quickly van de Scala en
onovertroffen kleurrijk en geestig en wat een bortsregister! De economisch en
ruimtelijk voordelige RCA box is een
uitgeklede uitgave zonder samenvattingen of teksten, maar is een
fraaie, historische bundel van alle Verdi opnamen van Toscanini, die hem recht doet als pleitbezorger van Verdi’s
muziek. (BMG-RCA RED SEAL:
82876-67893-2)
Van
de vele uitvoeringen van ‘Falstaff’ door dirigent Victor de Sabata is
alleen die uit de Scala van 1951 opgenomen. De Sabata dirigeerde de opera voor
het eerst in 1919 in Monte Carlo en tussen 1935 en 1952 in maar liefst zes seizoenen
aan de Scala. Er worden door verschillende labels vier andere data voor deze
opname gegeven, maar volgens de officiële Scala De Sabata biografie én het
officiële La Scala uitvoeringsoverzicht is de datum 5 juni 1951. Opvallend De
Sabata’s strenge, gedetailleerde en bijeengehouden directie, maar tegelijkertijd
de warme en bijna erotische klank. De uitvoering mag zich verheugen op de
onovertroffen Mariano Stabile in de titelrol. Hij zong de rol ruim 1200
maal in een periode van 30 jaren en ten tijde van deze uitvoering was hij 63
jaar. Hij heeft echter meer karakter dan welke andere Falstaff ook. Het vermogen
tot uitvoering van de tekst, notenbeeld en frasering zonder te belanden in
goedkope trucjes, vreemde ritmen of onmuzikaal fluisteren of schreeuwen is van
een zanger in de bloei van zijn kunnen. De valse waardigheid, trots, gebrek aan
zelfkennis, arrogantie en lafheid zijn levendig en trefzeker. We horen opnieuw de
fenomenale Cloe Elmo als Mistress Quickly, Renata Tebaldi als een
verrukkelijke Alice en ook de rest van de cast is homogeen bezet en te
prefereren boven de 1937 Salzburg Toscanini bezetting. Maar ook hier is een
waarschuwing met betrekking tot het inferieure geluid van de live-opname op zijn plaats. (Opera
d'Oro: ODO 7041)
Beide
uitvoeringen zijn te prefereren boven de stijve en humorloze studio-opname van
Herbert von Karajan uit 1956. Zijn klank is minder compact en zijn tempi en
dynamiek minder expansief dan van die van zijn voorgangers. De bezetting is
bijna identiek aan Von Karajans ‘Falstaff’ bezetting in de Scala en Wenen een
jaar later. Deze cast is uitstekend. Tito Gobbi’s levendige
Falstaff is vet aangezet en sluw. Elisabeth Schwarzkopf als Alice is
minder “Duits” in het Italiaans dan we van haar gewend zijn in haar Mozart, maar
ze houdt de neiging tot “mangiare le parole”. Rolando Panerai als Ford,
Anna Moffo als Nannetta en natuurlijk Fedora Barbieri als enige
legitieme opvolgster van Cloe Elmo in de rol van Quickly zijn een genot. (EMI
CLASSICS: 0946-3-77349-2-6)
Op
de laatste cassette van de ‘Jan Derksen sings Verdi’ box staan gedeelten uit de
opvoering van ‘Falstaff’ door de Nederlandse Operastichting in de
Stadsschouwburg van Rotterdam van 1974. Het is de reprise van de ‘Falstaff’ van
het Holland Festival van 1972 met een bijna identieke bezetting en het publiek
had hoorbaar plezier in de enscenering van Götz Friedrich. Jan Derksen
heeft de rol van Falstaff nooit gezongen, maar de rol van Ford met des te meer
plezier. “È sogno” was één van zijn favoriete Verdi aria’s. Derksens
uitvoering is één en al dynamiet. Hij zingt met groots inzicht en zijn
herkenbare timbre. In het duet aan het begin van de tweede akte is Derksen, verkleed als Fontana,
kostelijk in de constante heen en weer
stroom met Falstaff. In de finale van de tweede akte is hij volmaakt als de volop waanzinnig jaloerse
echtgenoot. Derksen herhaalde de rol bij de Nederlandse Operastichting nog in de
serie van 1978. Dit is verder de enige geluidsopname van Gabriel
Bacquier in zijn veelgeprezen rol van Falstaff. Hij is ook te zien als
Falstaff in dezelfde enscenering op de Decca DVD uit 1979 onder leiding van Solti.
Tenslotte zijn er nog opvallende bijdragen op deze CD van Nico Boer in
de tongbrekende rol van Bardolfo, Sophia van Sante als Meg en Henk
Smit als Pistola, die de rol van Falstaff in 1990 bij Opera Forum zou
zingen. (Ponto: PO-2004)
Bij TDK is de ‘Falstaff’ uitvoering uit
Florence van 2006 op DVD verschenen. De pompeuze enscenering dateert uit 1993 en is van de Tunesische regisseur Luca Ronconi (1933), die in Italië gezien
wordt als een provocerende rebel. Zijn ‘Falstaff’ speelt in een buitenwijk van
een Amerikaanse voorstad van de jaren 50. De dames dragen handtasjes, Ford een
aktetas en voor Falstaffs huis staan biervaten. Zijn huis staat op een verhoging en
zijn woonkamer bevat slechts een bed. In dit bed wordt hij door Mistress Quickly
ingestopt,
waarna hij voor de fraaie transformatie van de finale ontwaakt in zijn
eigen bed in een heus bos met een koor van gothics en hippies. Er is een bijna geheel Italiaanse
bezetting en de zangers zingen eenvoudig rechttoe
rechtaan. De bas-bariton
Ruggiero Raimondi zingt de titelrol al zo’n 25 jaar. Hij heeft een dunne toon en mist diepte, maar zijn acteren, portrettering en dictie zijn uitstekend.
Volgend seizoen zingt hij de rol van Falstaff bij de Koninklijke Waalse Opera in
Luik. Op meerdere opnamen vinden we
Barbara Frittoli is Alice Ford. Zij zingt schijnbaar zonder moeite en
interacteert op natuurlijke wijze met de andere dames.
Elena Zilio zingt als Quickly ongegeneerd in haar borstregister.
Mariola Cantarero zingt de jonge Nannetta met vloeiende lijnen.
Dirigent Zubin Mehta
beleeft schijnbaar weinig plezier aan ‘Falstaff’, want we zien hem nauwelijks
lachen. (TDK: DVWW-OPFALF)
De
‘Falstaff’ uit Royal Opera House Covent Garden Londen van 1999 is een bonte
uitvoering. De enscenering is van Graham Vick (1953, Liverpool), die
bekend staat om zijn oogverblindende voorstellingen. Het is verrassend, eerlijk,
radicaal en geïnspireerd. De finale van de tweede akte wordt bij Vick een waar
circus. Zijn ‘Falstaff’ wordt gedragen door Bryn Terfel in de titelrol.
Terfel geeft een wrede en woeste interpretatie van Falstaff, meer in de traditie
van Shakespeare dan van Verdi. Zijn Sir John is een smerige en onaardige
bullebak, om wie wordt gelachen. Vocaal is Terfel zoals altijd trefzeker en hier
goed gecoacht in de oude traditie. Barbara Frittoli zingt ook hier Alice
en Bernadette Manca di Nissa als Quickly heeft een minder agressieve
stijl dan haar voorgangers. Diana Montague’s Meg is een echte teamspeler
en de jonge geliefden Desirée Rancatore en Kenneth Tarver zijn
kleurrijk. Dirigent Bernard Haitink leidt het orkest van de Royal Opera
House grandioos helder, puntig en direct, maar zo nodig ook elegant en intiem.
De cameraregie en de ondertiteling van de DVD zijn rommelige, maar ondanks dat
is deze opname alleszins de moeite waard. (Opus Arte: OA 0812 D)
|