|
Buitenlandse recensies
‘Das Rheingold’ van Tankred Dorst is vooral oprecht
Door: Mark Duijnstee
© Enrico Nawrath
In Bayreuth wordt het megawerk ‘Der Ring des Nibelungen’ van Richard Wagner dit
jaar voor de vierde achtereenvolgende jaar opgevoerd in de enscenering van
Tankred Dorst. De vooravond ‘Das Rheingold’ wordt door zijn regie niet een heel
sterke productie, maar muzikaal is het een goede opmaat voor de tetralogie.
In
Bayreuth wordt ongeveer iedere zes jaar ‘Der Ring des Nibelungen’ van Richard
Wagner (1813 - 1883), die bestaat uit een vooravond plus drie langere avonden,
opnieuw geënsceneerd. In 2006 werd Tankred Dorst (1925, Türingen) hiervoor naar
de “grünen Hügel” gevraagd. Dorst had als toneelschrijver al vele prijzen en onderscheidingen
ontvangen, maar nog niet eerder had hij een operaregie gedaan. In Bayreuth viel
hij in voor de
Deense filmregisseur Lars van Trier, die op het laatst had afgezegd. Maar
ondanks dit last-minute excuus, lijkt de afgelopen jaren de 80-jarige Dorst niet
veel gedaan te hebben met de kritiek die er was op zijn Ringregie uit 2006.
De
ouverture van ‘Das Rheingold’ (1869) wordt gepast met gesloten doek gespeeld,
maar tussen de scènes gaat het toneeldoek vreemd genoeg dicht, waardoor Wagners
oorspronkelijke idee van changementen met open doek verloren gaat. De eerste
scène opent met een indrukwekkend toneelbeeld op de bodem van de Rijn. De
Rijndochters zingen tussen stenen en boven hen wordt het water geprojecteerd.
De seksueel neurotische Alberich wordt gefopt met projectie van naakte nimfen op
het wateroppervlak. Maar deze eerste scène wordt niet echt opwindend en komt maar moeilijk van de grond. In de tweede scène is het al niet veel beter. Het
verblijf van de goden Walhalla is een soort voorportaal van een bouwconstructie
en de personages staan en zingen op het toneel zonder dramatisch of
interpretatief doel. Als zij bewegen is het alleen om het toneelbeeld te
veranderen. Tankred Dorst gaat in zijn
enscenering voorbij aan Wagner’s uitgebreide regieaanwijzingen in de partituur. Verder leven volgens Dorst de
Goden, Dwergen en Reuzen onzichtbaar
onder ons en laat hij in de tweede scène een fotograaf opduiken die foto’s
maakt en in de derde scène een onderhoudsmonteur langskomen. Het is een
eenvoudig idee, dat hij niet verder uitwerkt. Daarentegen neemt Dorst de muziek
van Wagner serieus en daar is ook wat voor te
zeggen.
Muzikaal is deze vooravond een goed opmaat voor ‘Der Ring des Nibelungen’. De
rol van Loge wordt flamboyant gezongen door de
Nederlandse tenor Arnold Bezuyen. Hij is een
stralende vuurgod en maakt vuurwerk van zijn muziek. Voor zijn heldere dictie en declamatoire zang kreeg hij het grootste applaus van de avond. Eveneens
declamatoir waren de rauw gezongen glijpartijen van de bas-bariton Andrew Shore
als Alberich. Een opvallend hoogtepunt was de Mime van tenor Wolfgang Schmidt.
Hij liep niet in de val van het “Sprechgesang” en zingt met een prachtig legato
en fraaie non-vibrato lijnen. Zijn korte rol in ‘Das Rheingold’ belooft veel
voor zijn grote bijdrage in de ‘Siegfried’ van deze ‘Ring’. Albert Dohmen is de
ambitieuze, jonge Wotan met zijn deels gefraseerde melodieën en lastige,
recitatiefachtige karakter. De mezzosopraan Michelle Breedt is een felle
echtgenote Fricka. De Reus Fasolt wordt gezongen door Kwangchul Youn, wiens
Duits aanmerkelijk is verbeterd, en Ain Anger zet “stimmlich” kleurrijk zijn broer Fafner neer. Edith Haller als Freia heeft een volle sopraan.
Dirigent Christiaan Thielemann houdt de prelude met de feilloze hoorns en
uiteindelijk bijna het hele orkest helaas niet kalm tot het einde, maar is al
snel onrustig en gejaagd. Als de Reuzen verschijnen wordt hun grote tred door
Thielemann helaas niet monumentaal neergezet, maar meer zakelijk. Pas vanaf de
derde scène toont zich het fenomeen Thielemann en tekent hij met de schitterend
zachte
hoorns de donkere diepten van Alberichs grot. En in de vierde scène leidt
hij de prachtige harpen van Froh en de orkestrale donderstorm van zijn
broer Donner naar het hoogtepunt van het symfonische slot. Thielemann overstemt
de zangers geen moment en in de wetenschap dat het vuurwerk van de ‘Ring’ later
pas komt, staan lyriek en lichtheid bij hem in deze vooravond voorop.
Deze ‘Das Rheingold’
kenmerkt zich door het ontbreken van een sterke personenregie, maar Dorst
bedoelt het
allemaal goed en is oprecht en dat
kan voor de rest van de
tetralogie nog wel goed uitpakken. De Bayreuth ‘Ring’ gaat dinsdag verder met de officieel eerste dag, waarop
in ‘Die Walküre’ Wotans kinderen van zich zullen laten horen.
|